Griekenland, elders, hier: kracht en beperkingen van protest


woensdag 20 februari 2013

Weer een grote stakingsdag in Griekenland. Beide grote vakbondskoepels, ADEDY in de openbare sector, GSEE in de particuliere bedrijven, hadden daartoe opgeroepen, en er is op grote schaal gehoor aan gegeven. Zoals gebruikelijk gaat de stakingsdag gepaard met demonstraties, waarbij politie betogers bestookt met traangas, en betogers terugvechten. De volharding  van zo vele mensen in Griekenland om keer op keer tegen regering, bezuinigingsbeleid én oproerpolitie te vechten, is bewonderenswaardig. Maar er dringen zich wel vragen op over het mogelijke en het noodzakelijke vervolg, want dit type van actiedag kent grote beperkingen.

1.

Eerst nog iets meer over de dag zelf. Het zijn taferelen die we de afgelopen jaren steeds weer zagen: eens in de zover weken of maanden een dag van actie. Je zou zeggen dat de animo na verloop van tijd, aangezien er geen keer in het beleid mee is bereikt, en het er niet naar uit ziet dat dit nu anders zal zijn. “Onze correspondent zegt dat de meer dan 20 algemene stakingen die er zijn geweest sinds de crisis uitbrak, er niet in geslaagd zijn om het regeringsbeleid te veranderen, en dat het niet waarschijnlijk is dat het met deze anders gaat”, aldus de BBC. Dat zou wel eens akelig realistisch kunnen zijn. Toch zijn mensen niet totaal murw en ontmoedigt; er zijn aanwijzingen dat de actiedag van vandaag zeker niet tammer en kleiner was dan eerder.

De staking legde binnenlands luchtverkeer en lange-afstandstreinen stil, maar – althans volgens die BBC-bericht – het openbaar vervoer was verder niet erg geraakt. Wel lagen scholen en belastingkantoren stil, werd er in ziekenhuizen een beperkte nooddienst gedraaid, werd er bij rechtbanken gestaakt, en legden artsen en tandartsen eveneens het werk neer. Zeer opvallend was de deelname van boeren aan acties. Velen van hen waren met tractoren op straatprotest aanwezig. Boeren horen tot de traditionele achterban van de conservatieve regeringspartij Nieuwe Democratie. Als juist uit die beroepsgroep grote aantallen mensen in actie komen, zaagt dat weer een poot onder de regering vandaan.

De straatprotesten waren sowieso niet klein. De BBC meldt een vreedzame betoging in Thessaloniki van 17.000 mensen. De Guardian bericht over een geschatte 60.000 tot 100.000 betogers in Athene, over gevechten met politie, het steviger werk dus. Ook in een reeks andere steden waren demonstraties. In Heraklion op Kreta kieperden betogers daarbij een politieauto omver, zo bericht From The Greek Streets. Zo doe je dat. Het zal bepaald niet de enige aanval op gezagsdragers – of is er iemand die ook daar nog van ‘hulpdiensten’ wil spreken?! – zijn geweest.

Dat de sociale ramp die het bezuinigingsbeleid teweegbrengt nog steeds tot georganiseerde woede-uitbarstingen tegen regering en bezuinigingen leidt en niet louter tot apathie en/ of rechtse agressie tegen migranten, tegen links, tegen radicalen, is positief. Die ramp is intussen enorm. Enkele cijfers, gebracht door Aljazeera: een werkloosheid van 27 procent; een werkloosheid van 60 procent onder schoolverlaters van onder de 24 jaar ; een totaal aantal werklozen van 1,35 miljoen in een land met 11 miljoen inwoners. “ ‘De levensstandaard van de gemiddelde Griekse arbeider is tussen 2009 en 2012, in de tijdsspanne van 36 maanden, met minstens 5 procent afgenomen’, zegt Savas Robolis, professor economie en openbaar bestuur, tevens hoofd van de onderzoeksafdeling bij de GSEE”.

2.

Intussen – ik gaf het al aan – zal ook deze stakingsdag op zichzelf de regering en haar beleid niet verslaan. Dat betekent echter helemaal niet dat stakingsdagen en de bijbehorende protesten zinloos zijn. Integendeel, ze verdienen de steun en deelname die ze krijgen volop. Wie dit soort protest wegschuift als krachteloos, onbelangrijk, futiel, ziet slechts één kant van de gebeurtenissen en miskent een aantal zaken.

Wat zijn de redenen die acties zoals vandaag in Griekenland toch waardevol maken, ook als ze op zichzelf geen rechtstreeks resultaat boeken? Ik zie er een paar.

In de eerste plaats zetten de de rem op het bezuinigingsbeleid, ze zetten de regering permanent onder druk. Ze laten zien dat er woede is die zich in actie vertaalt, het zijn als het ware grote salvo’s van waarschuwingsschoten. We eten niet hoeveel sneller de regering de sloophamer had gehanteerd, hoeveel hoger de werkloosheid was opgelopen en hoeveel dieper de levensstandaard zou zijn gedaald zonder deze protesten. Een vakbondsleider waarschuwde vandaag: “Een sociale explosie is zeer nabij.” Dat geluid weerklinkt al sinds 2010 – en de regering weet dit ook. De acties demonstreren de woede achter zo ‘n explosie De regering kan niet wijken voor de protesten, want ze is uitvoerder van kapitaalsbelangen – Grieks en internationaal – die dit beleid vereisen. De regering kan echter ook niet helemaal ongeremd doorzetten, precies vanwege die angst voor een sociale explosie – een explosie waarvoor vakbondsleiders overigens bijna net zo bang zijn als topondernemers en regering. Hoe dan ook, de protesten vormen een soort van rem, die nóg ergere zaken enigszins tegenhoudt

In de tweede plaats maken dit soort actiedagen het idee van protest via staking, betoging en rel gangbaar. In een land waar vier keer per jaar het land platligt, politieauto’s een populair sloopobject zijn en vechten met de politie betrekkelijk gangbaar – en war de politie lang niet altijd snel de overhand in die gevechten krijgt – zal ook buiten die grote actiedagen veel eerder tot staking, actie en straatgevecht worden overgegaan. Er is een soort normalisering van protest die het voor radicalere in initiatieven veel makkelijker maakt op te groeien. Er is – onbedoeld door vakbondsbestuurders die de acties hanteren als drukmiddel om regeringen tot concessies te bewegen – door de opeenvolging van algemene stakingen een klimaat, een voedingsbodem gegroeid waarin bijvoorbeeld een zelfinitiatief in de VIo.Me-fabriek waar ik eerder over schreef en waar de Anarchistische Groep Amsterdam (AGA) op 5 januari aandacht aan heeft besteed met een informatieavond.

De door vakbonden uitgeroepen algemene stakingen van beperkte duur en grotendeels onder vakbondsregie, zijn beperkt. Ze kunnen op zichzelf regering en bezuinigingsbeleid niet verslaan. Daar zijn ze niet eens echt voor bedoeld, het is eerder opgezet als een soort van stoom afblazen. Maar dat wil niet zeggen dat we beter af zouden zijn zonder dit soort acties, dat we ze als irrelevant weg kunnen schuiven. Ja, de vakbondstop hanteert deze actievorm om woede te kanaliseren, beperkte concessies los te peuteren, nét genoeg om mensen rustig te houden zodat de vakbondstop zich eer heeft bewezen. Wij – radicalen revolutionairen, arbeiders die méér willen dan af en toe een optocht – kunnen dit actiemodel echter benutten om verder te gaan. We kunnen eraan deelnemen, om krachten te vinden en te ontplooien in de richting van precies die sociale explosie waar vakbondsbestuurders graag naar verwijzen maar waardoor ook hun eigen machtspositie bedreigd zou worden. Ons beperken tot braaf meelopen in vakbondsoptochten is geen goed idee; meedoen onder eigen vlag, eigen zichtbaarheid, eigen politieke identiteit, en vandaaruit zelf initiatief nemen en steun vinden voor een radicaler aanpak, is dat echter wel degelijk.

3.

Dit zijn niet louter bespiegelingen over de Griekse situatie. Grootschalige, maar op soortgelijke wijze beperkte, vakbondsactie tegen bezuinigingsbeleid en dergelijke zien we in een hele reeks landen. Daar goed mee omgaan – ons er niet van afschermen, het niet negeren, maar er wel een eigen radicale draai aan helpen geven en ze als springplank benutten naar méér – is een aanpak die ook in die andere landen nodig is. In India vandaag de dag bijvoorbeeld. Daar is een tweedaagse algemene staking bezig voor een minimumloon. Woede wegens hoge kosten van levensonderhoud en slechte arbeidsomstandigheden speelt mee, net als onvrede over de ruimte die particuliere investeerders krijgen. De woede is omvangrijk: honderd miljoen mensen in staking! Ook hier botsingen er worden al twee doden gemeld. Een vakbondsleider kwam om toen hij werd aangereden door een bus toen hij probeerde die tegen te houden bij vertrek uit de remise. Ook hier komt het initiatief uit gevestigde vakbonden, maar ook hier ligt de optie om er meer van de maken dan louter een vakbondsactie letterlijk op straat.

Dat geldt ook voor Nederland. Hier en daar vinden al vakbondsacties plaats, er is alle kans op meer. In de thuiszorg gonst het bijvoorbeeld flink, er is “Strijd voor thuiszorg”, een initiatief verbonden aan de vakbond Abvakabo, er is onder meer een actie op 6 april in de maak. Het is zaak om hier niet passief achter aan te hobbelen, maar evenmin om ons afzijdig te houden. Vakbondsactie kent haar beperkingen, ze is nooit ‘genoeg’. Maar laten we meedoen – uit solidariteit sowieso, maar tegelijk ook om zulke actie te benutten als springplank voor veel méér.

Peter Storm

, , , ,

Comments are closed.